Basisprincipes

Hieronder vindt u een overzicht van de basisprincipes van het Jenaplanonderwijs. Deze principes geven ons als school een richting en helpen ons om het onderwijs vorm te geven (visie).
 

Onze visie op de mens

  • Elke mens is uniek: zo is er maar één. Daarom heeft ieder kind en elke volwassene een onvervangbare waarde.
  • Elke mens heeft het recht een eigen identiteit te ontwikkelen, ongeacht wat dan ook. Zelfstandigheid, kritisch bewustzijn, creativiteit en gerichtheid op sociale rechtvaardigheid zijn hopelijk kenmerken van die identiteit.
  • Voor het ontwikkelen van een eigen identiteit heeft elke mens persoonlijke relaties met andere mensen, met de zintuiglijk waarneembare werkelijkheid van natuur en cultuur en met de niet zintuiglijk waarneembare werkelijkheid nodig.
  • Elke mens wordt steeds als totale persoon erkend en waar mogelijk ook zo benaderd en aangesproken.
  • Elke mens wordt als cultuurdrager en cultuurvernieuwer erkend en waar mogelijk ook zo benaderd en aangesproken.

 

 Onze visie op de maatschappij

  • Mensen moeten werken aan een samenleving die ieders unieke en onvervangbare waarde respecteert.
  • Mensen moeten werken aan een samenleving die ruimte en stimulansen biedt voor ieders identiteitsontwikkeling.
  • Mensen moeten werken aan een samenleving waarin rechtvaardig, vreedzaam en constructief met verschillen en veranderingen wordt omgegaan.
  • Mensen moeten werken aan een samenleving die respectvol en zorgvuldig aarde en wereldruim beheert.
  • Mensen moeten werken aan een samenleving die de natuurlijke en culturele hulpbronnen in verantwoordelijkheid voor toekomstige generaties gebruikt.

 

 Onze visie op de maatschappij

  • De school is een relatief autonome coöperatieve organisatie van betrokkenen. Ze staat in open wisselwerking met de maatschappij.
  • In de school hebben de volwassenen de taak de voorgaande uitspraken over mens en samenleving tot pedagogisch uitgangspunt voor hun handelen te maken.
  • De onderwerpen en thema's in de school worden ontleend aan de werkelijkheid. De activiteiten in de school hebben daarop betrekking, of ondersteunen die.
  • In de school wordt met pedagogische middelen in pedagogische situaties gewerkt.
  • In de school wisselen de basisactiviteiten - gesprek, werk, spel en viering - elkaar ritmisch af.
  • In de school vindt overwegend heterogene groepering plaats, naar leeftijd en ontwikkelingsniveau, om het leren van en zorgen voor elkaar te stimuleren.
  • In de school wisselen gestuurd en begeleid onderwijs en zelfstandig bezig zijn elkaar af. Daarbij speelt het initiatief van de kinderen een belangrijke rol.
  • In de school neemt wereldoriëntatie een centrale plaats in, met als basis ontdekken, onderzoeken en ervaren.
  • In de school vindt beoordeling van een kind zoveel mogelijk plaats vanuit de eigen ontwikkelingsgeschiedenis van dat kind, in samenspraak met hem of haar en met zijn of haar ouders.
  • In de school wordt erkend, dat er permanent veranderingen zijn. Reflectie daarop vindt in wisselwerking tussen denken en doen plaats.

Deze website maakt gebruik van cookies. Wij gebruiken cookies om het gebruik van de website zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Door op ‘Akkoord’ te klikken of door te gaan met gebruik van de website ga je akkoord met het gebruik van deze cookies.


Of klik hier voor meer informatie.